• Foto's: Theo Schumacher
  • Foto's: Theo Schumacher
  • Foto's: Theo Schumacher
  • Foto's: Theo Schumacher
  • Foto's: Theo Schumacher
Stokhem
PDF Afdrukken E-mailadres

Gehucht tussen beemd en bos

Stokhem, de naam is bijna met zekerheid afgeleid van “Stok”en “Heim”, dit in de betekenis van stam of familie en huis of plaats, waarschijnlijk ontstaan in de vroege middeleeuwen. Variaties in de naamgeving zijn in België bijvoorbeeld Stokkem en Stockem, in Duitsland Stockheim en Stockum en in Gelderland Stokkum. Overal treft men kleinere en grotere plaatsen aan met deze verwante naamgeving, maar of ze allemaal in zo’n prachtige omgeving gelegen zijn als "ons" Stokhem, valt te betwijfelen.

In vervlogen tijden was het echt een "heim"; samen leven in een afgelegen gehuchtje. ‘s Morgens vroeg ging men vrijwel dagelijks, veelal tezamen met de schoolgaande jeugd, door de beemden langs de watermolen naar de kerk. Bij thuiskomst wachtten de dagelijkse beslommeringen. Voor de meeste gezinnen die niet alleen konden leven van de boerderij, hadden de mannen werk in loondienst, de vrouwen bestierden het huishouden en een kleine veestapel. Een paar varkens voor eigen slacht, wat kippen en konijnen en meestal een goed beplante moestuin. Een enkeling had ‘n koe. Veelal waren de mannen in loondienst bij de Brand Bierbrouwerij, de fruitveiling in Wijlre of werkten bij de kolenmijnen. De "echte" boeren maakten in die tijd lange dagen, als gevolg van de spreiding van de veelal kleine percelen weilanden en akkers.

Door de smalle, holle en steile wegen was het niet mogelijk met volgeladen kar en wagen van en naar de akkers te rijden. Na de wekelijks zware arbeid kon men op zaterdagavond en ‘s zondags ontspannen bij de plaatselijke kegelclub. Men deed wedstrijdkegelen op een zgn. "Drèksbaan"; een kegelbaan van ruw hout en aangestampte aarde. Toen de tractor zijn intrede deed, werd alles een stuk gemakkelijker, maar ook stierf de oude boerenstiel uit, zoals op vele andere plaatsen.

Wat bleef was de prachtige omgeving met haar talrijke wandelwegen en veelal fraai gerestaureerde vakwerk- en baksteenhuizen. Vele kalkrijkhoudende akkers en weilanden werden opgekocht door Staatsbosbeheer en Stichting Natuurmonumenten. Ze werden omgevormd tot kalkgrasland. De bekendste zijn de "Wijlre-akkers", een origineler naam zou geweest de "Stokhemmer-akkers". Deze akkers zijn in de lente- en zomermaanden een zee van zeldzame bloemen en planten, die van oudsher hier in de omgeving hun natuurlijke groeiplaatsen hebben. De akkers zijn te bereiken via het voetpad langs
"D’r Vrakel", het clubhuis van onze buurtvereniging, hooguit een paar honderd meter stevig bergop, maar meer dan de moeite waard! In de buurt van dit voetpad vond jaren geleden, bij het planten van een boom, de heer Klinkenberg een Romeins graf met daarin een mooie wrijfschaal en een zwart geschilderde pot. Deze bevinden zich nu in het Bonnefanten Museum in Maastricht.

Ook de wandelweg naar de Gronseleput is bijzonder; aan de linkerzijde onwaarschijnlijk steile weilandjes en bossages, met in het najaar de prachtig lila bloeiende Herfsttijloos, even verder de fel stromende en bruisende Geul. Wandelingen door de Geulbeemden richting Wijlre met een prachtig gezicht op de twee-raderige onderslagwatermolen (de enige in Nederland) of richting Schin op Geul, dicht langs de oevers van de Geul, het snelst stromende riviertje van ons land, is ook voor de meest verwende wandelaar een verrassing.

De steile Dodemansweg, een échte kuitenbijter, is een prachtige vergezichtwandeling, met aan de rechterzijde gelegen een vuursteenwinning uit verre verleden en even verderop een van de laatste groeiplaatsen van de zeldzame Hokjespeul. Ook de recent aangelegde wijngaarden passen wonderwel in het landschap.

Stokhem ontkwam niet aan uitbreiding, maar bleef toch een aantrekkelijke woon- en leefomgeving, rustig en stil. Zonder het lawaai van doorgaand verkeer.

Stokhem is en blijft, zeker voor wandelaars en natuurliefhebbers, een waar paradijs !